Overpeinzingen

Overdenking bij de dienst van 3 april 2016 Huizinge

Herschep ons hart
Heradem ons verstand
Dat wij elkaar
Behoeden en doen leven

Overdenking

‘On the seashore of endless worlds, children play’

Het is 1914
Martin Buber zit in zijn huis te mediteren
Na ongeveer een uur wordt er aangebeld
Een jonge man vraagt of hij hem een vraag mag stellen
Buber laat hem binnen en ze praten een tijd
Daarna vertrekt de jongeman
en Martin Buber vervolgt zijn meditatie

Enige tijd later vertelt iemand aan Buber dat de jongeman,
die bij hem langs is geweest, is omgekomen aan het front.

Buber is verbaasd over dit verhaal.
Hij weet niet waar hij het over heeft.
Hij kent helemaal geen jongeman die bij hem is geweest
Hij kan zich niet herinneren dat hij deze jongeman heeft gesproken.
De man die Buber inlicht over de dood van  deze jongeman vertelt
dat de jongeman Buber had opgezocht met de vraag of hij wel of niet naar het front moest gaan.

Hij is gegaan en omgekomen.

Wanneer Buber zich beseft dat hij deze jongeman wel heeft binnengelaten
Maar niet heeft ontmoet, niet heeft gehoord,
Zodanig niet heeft ontmoet en gehoord
 dat hij het zich niet herinnert,
Krijgt hij grote spijt.

Deze confronterende ervaring doet hem beseffen dat hij God nooit zal vinden
Zolang hij de mensen om hem heen niet werkelijk ziet, niet werkelijk ontmoet.
Je kunt nog zolang in afzondering mediteren
God gebeurt pas in de ontmoeting met de mensen om ons heen.

Dit heeft hem uiteindelijk gebracht tot zijn grote werk
‘ I and Thou’ ‘Ik en Jij’

‘In the free space inbetween people,
Spirit grows’

Ik neem jullie even mee naar het strand.
Twee kinderen spelen op het strand
Ze zitten in het zand, vlakbij waar zee en land elkaar raken
Daar bouwen zij kastelen, versieren de torens met schelpen
Dragen water naar hun met de hand gegraven gracht, en spelen hun spel.
De kinderen spelen,
Fantaseren de hele wereld bij elkaar
Gaan op in hun spel, hun verhaal
Hun gedeelde realiteit.

Voor deze twee kinderen vormen de zandkorrels en de schelpen
Het materiaal voor een fantastisch verhaal
Waar zij zelf deel van uitmaken
Zij maken het verhaal, zij maken het spel, zij zijn het spel
Met heel hun hoofd, hart en lichaam zijn zij aanwezig in het spel.

Speelruimte, spel, ontspannen en vrij, een overvloed aan tijd en ruimte.

Het zal niet lang duren of de zee zal alle kunstwerken met de grond gelijk maken
Maar dat is niet erg
Want de zee kan wel de torens, maar niet de ervaring wegspoelen
De ervaring blijft
En de mogelijkheid om morgen opnieuw
Het spel te spelen.
Samen deelgenoot te zijn van een gedeelde realiteit.

Helaas zijn wij als volwassenen niet meer zo gewend om te spelen
Spel is voor kinderen, wij zijn met belangrijker zaken bezig.

Nou ja,  we zijn het gelukkig niet helemaal verleerd.
Soms kun je nog heel even meespelen in het spel van je kind of je kleinkind
En gelukkig hebben we wel een paar spelvormen bewaard.
Muziek bijvoorbeeld.

Muziek maken heet niet voor niets spelen.

Om muziek te kunnen maken heb je speelruimte nodig,
een goeie stem of instrument
De nodige techniek en een heel stel muzieknoten.
Maar bovenal vrijheid, en ontspannenheid


Wanneer, bijvoorbeeld, Barbara en Gera samen een duet zingen
zijn zij bij wijze van spreken als die twee kinderen op het strand
met behulp van een goeie stem, een goeie techniek, de nodige muzieknoten en bijbehorende woorden,
zingen/  spelen zij samen en ontstaat er prachtige muziek.
De muziek die dan klinkt vormt de gedeelde werkelijkheid / realiteit op dat moment
Waar zij deel van uitmaken, wat door hen ontstaan, en waar zij en wij getuige van zijn.

Maar die muziek ontstaat alleen wanneer er vrije ruimte is tussen hen.
In de ruimte, in de ontmoeting ontstaat, de muziek
‘In the free space in between spirit grows’

En het grappige is, zodra je stopt met zingen of spelen
Is ook die gedeelde werkelijkheid verdwenen.
Net zoals het spel van de kinderen ophoudt zodra zij door moeder worden geroepen voor een ijsje
Of wanneer de golven de kunstwerken teniet doet.

Maar dat is geen probleem, want je kunt gewoon opnieuw beginnen
Je kunt steeds weer opnieuw gaan zingen,
Kinderen spelen steeds opnieuw hun spel.
Wat je alleen niet kunt is het spel, de muziek, vasthouden.

Wat heeft dit spel,  te maken met die droevige Emmausgangers?

Zij dalen af naar Emmaus, Emmaus, de vlek, de plek waar je niet wilt zijn.
Het is letterlijk een afdaling, de duisternis in, de diepte in.
En zij praten en praten
Hun ogen zien niet, hun hoofd en hart vol zorgen, ogen en hart gesloten, lichaam gebogen en zwaar.
Er is geen ruimte, geen vrijheid, geen speelruimte, geen vrije ruimte ‘in between’.

Wanneer zij aankomen op het dieptepunt, in Emmaus,
Gaan zij een huis binnen.
De vreemdeling die mee was gaan lopen en hen heeft aangehoord
en hen nogmaals heeft verteld  wat Jezus in zijn leven zo vaak had verteld
Die vreemdeling halen ze over om bij hen te blijven, bij hen de nacht door te brengen
En wanneer de nacht aangebroken is,
Zitten zij bij elkaar.
Het is stil
Er zijn geen woorden meer
Alleen nog de ruimte, de tafel en het brood, en die drie personen

In deze stilte, deze open ruimte,
Neemt de vreemdeling het brood, breekt het, spreekt de zegen uit
Zoals hij enkele dagen eerder had gedaan
En geeft het aan de twee aan tafel.

Op dat moment, in die ene handeling
In die ontmoeting tussen hen, keert alles om
In één seconde,
Verschiet de wereld van kleur.
Klinkt muziek, zou je misschien kunnen zeggen
Ontstaat er ‘free space inbetween
Where the spirit grows’
En zijn zij samen getuige van een gedeelde realiteit.
Zij zij gedeelde realiteit.

Wat Jezus hen vertelde was nooit verder gekomen dan hun hoofd
Ze hadden wel gehoord, maar niet gezien,
Nu, met het breken van het brood,
Is het alsof ze plotseling kijken met hun hart.
En dan ziet de wereld er totaal anders uit.
Het is niet zijn lichaam, waar het om gaat
Het is hun eigen lichaam.
Het is hun eigen leven
Daar is de bron

God is niet buiten
Ergens hoog verheven
God gebeurt aan henzelf
Tussen henzelf
Op het moment dat zij samen
Christus delen.
Christus, alles wat staat voor Christus
Mededogen, liefde, gerechtigheid

Christus is gedeelde realiteit
Zoals de muziek en het spel op het strand.
Christus realiteit ontstaat daar waar
Je samen, in alle verscheidenheid
Dat geheim deelt en de spirit grows.
Tussen ik en jij krijgt Christus gestalte

Waar twee of drie in mijn naam verenigd zijn,
Daar ben ik in hun midden.

God vind je niet in je eentje
God vind je pas wanneer er vrije ruimte is tussen mensen
tussen jou en de ander
Tussen jou en wereld om je heen
Waardoor je elkaar werkelijk kan zien, er vrijheid is,
Speelruimte,
Waar je elkaar steeds opnieuw leert zien
Met respect,( re opnieuw – spect, kijken)
Dat je door elkaar vrije ruimte te geven om jezelf te zijn
En door steeds opnieuw te kijken in elkaar een glimp van God kunt ontdekken.

Die ervaring, dat God gebeurt waar mensen een realiteit delen
In de gedeelde realiteit van het spel, van de muziek, van Christus.
Daar gebeuren wonderen.

Daar waar Jezus de ander ontmoette, gebeurden wonderen

Maar dat gaat niet vanzelf,
Dat kost oefening, speelruimte, tijd en een steeds opnieuw beginnen.

Dit oefenen, deze speelruimte, geven we vorm wanneer we samen brood en wijn delen.
In die oefening van breken en delen,
Vinden we soms een glimp van datgene wat onszelf overstijgt
En tegelijkertijd onlosmakelijk deel uitmaakt van onze lijfelijke realiteit.

Net zoals muziek je soms overstijgt
En tegelijkertijd onlosmakelijk deel uitmaakt van onze lijfelijke realiteit.

Een oefening, een speelruimte
Die we hier in deze kerk gestalte geven
Maar die zich niet beperkt tot deze ruimte.

De oefening van het samen breken en delen
De oefening om te zoeken naar die gedeelde realiteit
In deze veilige ruimte
Vormt de oefenruimte voor het dagelijkse leven
Waarin we onze oefening in praktijk proberen te brengen.

In het leven van alle dag
Christus realiteit, mededogen, liefde, gerechtigheid
Gestalte proberen te geven,
Met vallen en opstaan.

Dat is een kwetsbaar spel,
Maar een spel wat enorm de moeite van het proberen waard is.

Omdat overal waar maar een glimp van Christus zichtbaar wordt in deze wereld.
Het duister het nakijken heeft. Al is het maar heel even

En ook al is het niet vast te houden
En niet te vatten
het doet de wereld van kleur verschieten
en dat is, zeker in deze tijd, van onwaarschijnlijk groot belang.
 

amen